Er zijn wandelingen die je vooraf plant omdat ze mooi lijken op foto’s. En er zijn wandelingen die achteraf vooral blijven hangen door hoe een dag zich langzaam ontvouwt. De tocht naar de Schäfler in het Alpstein-gebergte hoort duidelijk bij die tweede categorie.
We waren al een paar dagen in Appenzellerland, een landschap dat eigenlijk precies zo is als je je Zwitserland voorstelt. Groene hellingen, houten boerderijen en koeien die overal lijken te staan waar een beetje gras groeit. Vanuit onze boerderij net buiten St. Gallen reden we die ochtend richting Wasserauen, het kleine dorpje waar veel wandelingen in dit gebied beginnen.
Een paar dagen eerder hadden we al gewandeld naar Saxer Lücke, een van de bekendste uitzichtpunten van het Alpstein-gebergte. Dat landschap had ons al een goed idee gegeven van hoe ruig en dramatisch deze regio kan zijn.
Toen we ’s ochtends naar buiten keken leek het er niet op dat we die dag veel zouden zien. Wolken hingen laag tussen de bergen en de toppen waren volledig verdwenen in een grijze waas. Toch besloten we gewoon te vertrekken. In de bergen kan het weer namelijk binnen een paar minuten veranderen. Die gok bleek een goede.
Nog voordat we goed en wel op pad waren begon de lucht open te breken. Niet ineens, maar langzaam. Flarden mist trokken langs de hellingen en lieten steeds iets meer van het landschap zien. Waar eerst alleen grijs was, verschenen plots weer bergkammen en valleien. Het uitzicht dat even daarvoor nog volledig verstopt zat, lag ineens open voor ons.
Voor fotografie zijn dat eigenlijk de mooiste momenten. Wanneer wolken net beginnen open te trekken ontstaan er korte periodes waarin licht en schaduw voortdurend over de bergen bewegen. Je hoeft alleen maar even stil te staan en te wachten tot het landschap zichzelf laat zien.
Wandelen over de graat van de Schäfler
De wandeling richting de Schäfler volgt grotendeels de ruggengraat van de berg. Het pad bestaat uit een mix van stenen, rotsplaten en kleine bergpaadjes die zich langzaam omhoog slingeren. Technisch op sommige stukken, maar nergens echt ingewikkeld zolang je rustig blijft lopen en af en toe even oplet waar je je voeten neerzet.
Wat meteen opvalt in mei is hoe levendig de bergen zijn. Tussen de stenen groeien overal kleine alpenbloemen die zich blijkbaar weinig aantrekken van de lange winter die hier net achter de rug is. Het gras op de hellingen moet nog duidelijk bijkomen van maanden onder de sneeuw, maar juist dat geeft het landschap iets rauws en fris tegelijk.
Het bekendste deel van de wandeling begint wanneer het pad de bergkam bereikt. Vanaf daar wandel je letterlijk over de ruggengraat van het Alpstein-gebergte. Links en rechts verdwijnen de hellingen steil naar beneden, terwijl de bergkam zich als een smalle lijn door het landschap trekt.
Het klinkt misschien spannender dan het voelt, het pad is goed te lopen, maar het uitzicht maakt het wel bijzonder. Overal waar je kijkt zie je nieuwe lijnen in het landschap: rotspieken, groene valleien en bergkammen die steeds verder doorlopen richting de horizon.
Schäfler ridge
Niet veel later verschijnt de Schäflerhütte in beeld. Vanaf de hut is het nog maar een paar minuten lopen naar het uitzichtpunt waar de meeste foto’s van de Schäfler worden gemaakt. Hier zie je de volledige graat die zich als een rij kartels door het landschap trekt. De bergkam verandert voortdurend van vorm afhankelijk van waar je staat, en een paar stappen naar links of rechts maken al een compleet nieuw beeld.
Wat deze wandeling misschien wel het beste samenvat, is hoe veranderlijk een dag in de bergen kan zijn. We begonnen met wolken waarin je nauwelijks tien meter vooruit kon kijken, en stonden een paar uur later op een bergkam met uitzicht over het hele Alpstein-gebergte.
Fotografie
De Schäfler is een plek waar het landschap bijna vanzelf composities maakt. De bergkam vormt een natuurlijke lijn die je blik door het beeld trekt, terwijl de omliggende dalen zorgen voor diepte in het landschap. Juist daarom werkt het vaak goed om iemand een stukje vooruit over het pad te laten lopen.
Het licht verandert hier voortdurend. Wanneer wolken langs de bergkammen trekken ontstaan er korte momenten waarop delen van het landschap worden uitgelicht, terwijl andere stukken nog in de schaduw liggen. Dat soort momenten duren soms maar een paar minuten, maar geven foto’s vaak veel meer sfeer dan strak blauwe lucht. Ook loont het om af en toe even naar beneden te kijken. Tussen de stenen groeien in het voorjaar kleine alpenbloemen die een mooi contrast vormen met het ruige gesteente van de berg.